Een gastvocalist op je track in 2026: haar naburig recht (artikel 2 en 5 WNR), de toestemming van haar label en wat 'feat.' bij Sena oplevert

Een gastvocalist zingt het refrein in, schrijft twee regels bij, en de track gaat als "X feat. Y" naar de distributeur zonder dat iemand iets heeft getekend. Bij de eerste Sena-afrekening, het eerste syncverzoek en de eerste mail van haar label komen dan vier vragen tegelijk boven: wat heeft de gast ingebracht, wie moest toestemming geven, welk geld hoort bij haar, en wat betekent "feat." in de credits. Dit artikel loopt die vragen na langs de Wet op de naburige rechten en de verdeelregels die Sena zelf publiceert.

Een eigen naburig recht, geen aandeel in de master

De gast is uitvoerend kunstenaar en heeft op grond van artikel 2 WNR het uitsluitend recht om toestemming te geven voor het opnemen, reproduceren en beschikbaar stellen van haar uitvoering. Wie de eerste vastlegging voor zijn rekening en verantwoordelijkheid laat maken, is doorgaans fonogrammenproducent (artikel 1 onder d en artikel 6 WNR); wie de masterrechten nu houdt, hangt ook af van eventuele overdrachten. De gast wordt door mee te zingen geen mede-eigenaar. De master-eigenaar heeft haar toestemming wel nodig voor elke exploitatie. Een overdracht of exclusieve licentie moet schriftelijk en omvat alleen wat er uitdrukkelijk in staat of wat daaruit noodzakelijk voortvloeit (artikel 9 WNR, tekst 2026). Schrijft zij eigen regels die een eigen creatieve bijdrage zijn, dan komt daar een aandeel in de compositie bij.

Het label van de gast en de courtesy-clausule

Een artiest met een lopend platencontract heeft meestal een exclusiviteitsbeding getekend en haar naburige rechten aan haar label overgedragen. Wat dat label voor een feature moet toestaan, staat in dat contract; de zin "appears courtesy of" is de vermelding die labels voor zo'n vrijgave bedingen. Labels vragen daarvoor een vaste vergoeding of een aandeel in de masterroyalty, een beperking tot de ene track en een verbod om de gastvocaal los te gebruiken. Al die punten horen in het featured-artistcontract te staan voordat de track wordt aangeleverd, omdat een distributeur een track bij een rechtenclaim offline kan zetten.

Waarom "feat." geld is bij Sena

Sena verdeelt de vergoeding per track 50/50 tussen producent en muzikanten, en verdeelt het muzikantendeel via punten: vijf per hoofdartiest, één per instrument voor een sessiemuzikant met een maximum van drie. Sena rekent een featuring artist als hoofdartiest en beslist over die rol op grond van registratie, contract en bewijs van deelname. Welke rol de gast kan aantonen, bepaalt dus of zij een hoofdartiestenaandeel of een sessieaandeel krijgt; artikel 5 WNR geeft haar daarnaast het recht op naamsvermelding. Het artikel sluit af met acht afspraken voor het contract en met de opties als de feature al uit is zonder papier.

Meer lezen

Muziek in een podcast: waarom artikel 7 WNR daar niet geldt en je de opname bij label en uitvoerenden zelf moet clearen

Een radiozender draait op dinsdagmiddag een track en hoeft daarvoor niemand te bellen. Dezelfde redactie zet donderdag een podcastaflevering online met dertig seconden uit precies dezelfde opname onder de intro, en vanaf dat moment geldt er een ander regime. Het verschil staat in de tweede volzin van artikel 7, eerste lid, van de Wet op de naburige rechten.

Wat artikel 7 WNR wel en niet dekt

De eerste volzin van dat lid laat toe dat een commercieel uitgebracht fonogram wordt uitgezonden of op een andere wijze openbaar gemaakt zonder toestemming van de fonogrammenproducent en de uitvoerende kunstenaars, mits daarvoor een billijke vergoeding wordt betaald. Die vergoeding loopt via de organisatie die op grond van artikel 15a WNR is aangewezen, in Nederland Sena, en artikel 7, vierde lid, verdeelt de opbrengst gelijk tussen de uitvoerende kunstenaar en de producent. Radio, televisie, winkel, café en festival lopen langs die route: gebruiken eerst, afrekenen achteraf. De tweede volzin zondert het beschikbaar stellen voor het publiek daarvan uit. Een podcastfeed doet precies dat: de luisteraar kiest zelf wanneer en waar hij luistert. Daarmee valt podcastgebruik terug op de exclusieve rechten van artikel 6, eerste lid, WNR bij de fonogrammenproducent en van artikel 2, eerste lid, WNR bij de uitvoerenden.

Twee lagen, twee tegenpartijen

Elke seconde muziek bevat twee lagen die los van elkaar worden verhandeld: het lied onder de Auteurswet, meestal in beheer bij Buma/Stemra en de uitgever, en de opname onder de Wet op de naburige rechten, bij het label en de uitvoerenden. Een aflevering raakt beide handelingen tegelijk, want de opname wordt in de montage gekopieerd en het resultaat wordt in een feed gezet. Bij oude artiesten- en sessieakten is de tekenbevoegdheid van het label voor de uitvoerenden een aanname die je controleert, want het beschikbaar stellen voor het publiek wordt daarin niet altijd genoemd.

De uitzending die later online komt

De scherpste rand zit bij de radio-uitzending die 's avonds als terugluisterbestand in een feed verschijnt. Dat is een zelfstandige handeling waarvoor de exclusieve rechten gelden. Voor de rechthebbende kantelt het beeld daarmee ook: bij een uitzending komt het geld ongevraagd binnen, bij on-demand gebruik komt er niets zolang niemand belt. Het artikel loopt de citaatvrijheid van artikel 15a Auteurswet en artikel 10 onder b WNR na, en sluit af met de zes punten die in een toestemming horen te staan voordat de aflevering online gaat: welke opname met ISRC, wie tekent namens de uitvoerenden, welke twee handelingen, welk gebied en welke termijn, welke dragers, en wie de vrijwaring draagt.

Meer lezen

Artikel 7 lid 1 en artikel 9b WNR: twee vergoedingen die naast de sessiefee van een buy-out staan

Een cellist speelt drie uur mee op vier nummers, tekent bij vertrek één A4 en factureert 450 euro. Naast de reikwijdte van die handtekening staan twee vergoedingen die de Wet op de naburige rechten zelf regelt en die een gewone overdracht van het opnamerecht niet vanzelf meeneemt.

De uitzondering onderaan artikel 7 lid 1 WNR

Artikel 7 lid 1 WNR laat uitzending en openbaarmaking van een commercieel uitgebracht fonogram toe tegen een billijke vergoeding, en lid 4 verdeelt die gelijkelijk tussen producentenzijde en uitvoerendenzijde; de verdeling binnen de uitvoerendenzijde volgt uit de repartitieregels van de organisatie die artikel 15 aanwijst, in Nederland Sena. De laatste volzin van lid 1 sluit echter het beschikbaar stellen voor het publiek uit. On-demand streaming valt daardoor terug in het uitsluitend recht van artikel 2 dat in de sessieverklaring is overgedragen, terwijl radio, horeca en winkel het kanaal vormen waarin de wet de uitvoerendenzijde een helft toewijst. De wet verklaart de aanspraak van artikel 7 overigens niet onvervreemdbaar; zij bepaalt wel dat een overdracht van het recht van artikel 2 haar niet automatisch meeneemt.

De twintig procent van artikel 9b WNR

Artikel 9b lid 1 WNR stelt twee voorwaarden: een overdracht van de rechten op de uitvoering aan de fonogramproducent, en een daarbij overeengekomen niet-periodieke vergoeding. Het woord buy-out komt in de wet niet voor, en een dagvergoeding voor speeltijd is niet automatisch de vergoeding voor die overdracht. Is aan beide voldaan, dan hebben de uitvoerenden gezamenlijk recht op een jaarlijkse aanvullende vergoeding voor ieder volledig jaar na het vijftigste jaar sinds de eerste rechtmatige verhandeling of, indien eerder, de openbaarmaking van het fonogram. Lid 2 stelt die op twintig procent van de producenteninkomsten uit het voorafgaande jaar, en lid 4 bepaalt dat van deze rechten geen afstand kan worden gedaan. Via het Fonds Uitvoerende Kunstenaars draait die regeling nu al op repertoire uit de jaren zestig en zeventig.

Wat het auteurscontractenrecht daarnaast biedt via artikel 2b WNR, waarom de informatieplicht van artikel 25ca juist bij een klein aandeel kan wegvallen, en vijf punten om vóór de sessie vast te leggen, staan in het volledige artikel; wie een lopende sessieverklaring of producerovereenkomst daartegen wil laten leggen, kan daarvoor de contractscan van M&R gebruiken.

Meer lezen

Een onbetaalde studiofactuur maakt de studio nog geen rechthebbende

De laatste sessiedag is voorbij, de mix staat, en de factuur blijft onbetaald. Twee weken later vraagt de artiest om de bestanden en antwoordt de studio dat er eerst betaald moet worden. Beide partijen gaan er dan van uit dat de studio iets vasthoudt wat de ander nodig heeft, terwijl zelden scherp is welk ding dat precies is. Rond één opname liggen namelijk drie posities door elkaar: de drager waarop de bestanden staan, het fonogram met daarop het naburige recht van de producent, en het werk met daarop het auteursrecht van componist en tekstdichter. Een onbetaalde factuur raakt geen van die drie. Zij levert een vordering op, en wie geld te vorderen heeft wordt daarmee geen rechthebbende op de opname.

Waarom het retentierecht om de schijf sluit en niet om de opname

Artikel 3:290 BW geeft een schuldeiser de bevoegdheid de afgifte van een zaak op te schorten, en artikel 3:2 BW omschrijft zaken als de voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten. De drager is een zaak, het bestand niet. Geen van beide regimes werkt automatisch: er moet een opeisbare vordering zijn en voldoende samenhang met de opgeschorte verbintenis, en voor retentie ook feitelijke macht over de zaak en een verplichting tot afgifte daarvan. Is daaraan voldaan en gaat het om een schijf, tapespoel of toestel van de opdrachtgever, dan bestaat er een echt retentierecht, met de bijzondere derdenwerking van artikel 3:291 BW en het voorrecht bij verhaal van artikel 3:292 BW. Staan de bestanden alleen op de eigen systemen van de studio, dan is er geen zaak die moet worden afgegeven en resteert het gewone opschortingsrecht van artikel 6:52 BW. Dat kan op grond van artikel 6:53 BW ook tegen schuldeisers van de wederpartij worden ingeroepen, maar het mist het goederenrechtelijke voorrecht dat retentie wel geeft. Daar komt een productiepraktisch punt bij: rond een release bestaan minstens vier lagen — sessieproject, stems, mixdown en master — die bij verschillende partijen liggen, zodat een afspraak over "afgifte van de master" zonder laagaanduiding weinig betekent en opschorting op de verkeerde laag geen drukmiddel oplevert.

De vraag die het meeste geld beweegt

Artikel 1 onder d van de Wet op de naburige rechten wijst als producent van fonogrammen aan wie een opname voor de eerste maal vervaardigt of doet vervaardigen. De Hoge Raad legde die maatstaf op 17 december 2021 vast in het licht van de Conventies van Rome en Genève en het WPPT: producent is wie de organisatie van de eerste opname op zich neemt en daarvoor de financiële verantwoordelijkheid heeft. In feitelijke instanties was daarbij niet beslissend wat de productieovereenkomst bepaalde, maar de vastgestelde gang van zaken. Een studio die tegen dagtarief ruimte, apparatuur en een engineer levert terwijl artiest of label de opname organiseert en financiert, verricht een dienst en heeft het uitsluitend recht van artikel 6 Wnr niet: zij kan de exploitatie niet op die grondslag verbieden en de opname niet op eigen naam uitbrengen. Machteloos is zij daarmee niet, want een rechtmatige opschorting van de levering kan de release nog vertragen. Wettelijke producentstatus, een contractueel aandeel in de master en een overdracht of licentie zijn daarbij drie verschillende dingen: artikel 9 Wnr verlangt voor een overdracht een schriftelijke overeenkomst én de levering bij akte van artikel 3:95 BW, en voor een exclusieve licentie de schriftelijke overeenkomst. Het onderscheid is financieel beslissend, omdat artikel 7 lid 4 Wnr de billijke vergoeding voor commercieel uitgebrachte fonogrammen gelijkelijk verdeelt over uitvoerende kunstenaars en producent: een verkeerde producentaanmelding bij Sena kan de producentenvergoeding voor die opname misrouteren zolang de claim niet wordt gecorrigeerd, waarbij Sena vergoedingen maximaal drie jaar reserveert voor wie zich niet heeft aangemeld en onterechte betalingen tot vijf jaar na uitbetaling mag terugvorderen.

Vijf punten in de opdrachtbevestiging

Het artikel eindigt met vijf vragen die vóór de eerste sessiedag horen te zijn beantwoord: wie producent wordt en wie aanmeldt bij Sena, welke lagen in welk formaat worden geleverd en wie ze bewaart, of de afgifteplicht bij oplevering of bij betaling ontstaat, van wie de drager is waarop wordt geleverd, en wat er bij niet-betaling gebeurt — inclusief de vaststelling dat een pandrecht op het naburige recht eigen vestigingsformaliteiten kent en niet met een enkele bepaling in de opdrachtbevestiging tot stand komt. De spiegelversie geldt voor de artiest en het label, voor wie de eigen onderhandelingspositie uiteindelijk afhangt van de vraag op wiens schijf de bestanden staan.

Meer lezen

Formule 1, een wereldwijd gestreamde DJ-set: zo werkt de muziekclearance (de Garrix-les)

Toen Martin Garrix de Formule 1 liet swingen — in 2025 op de Grand Prix van Azerbeidzjan, en als aangekondigde finale-act van de Dutch Grand Prix op Zandvoort in 2026 — keek een wereldwijd publiek mee via uitzending en stream. Achter zo'n ogenschijnlijk simpele DJ-set gaat een verrassend complexe muziekclearance schuil: wie de set hoort, hoort tientallen rechthebbenden tegelijk.

Twee rechtenlagen onder elke track

Onder vrijwel elke gedraaide track liggen twee rechten. Het auteursrecht op de compositie (collectief beheerd via Buma/Stemra) en het naburige recht op de opname zelf — de master. Artikel 6 van de Wet op de naburige rechten geeft de producent van het fonogram een uitsluitend recht; daarnaast heeft de uitvoerend kunstenaar eigen naburige rechten. Een set rijgt tientallen tracks aaneen, en achter elke track schuilen vaak meerdere componisten, uitgevers, labels en artiesten.

Uitzenden en streamen is een aparte handeling

Het optreden zelf en de wereldwijde uitzending ervan zijn juridisch twee dingen. Artikel 12 van de Auteurswet rekent tot openbaarmaking zowel het uitzenden via een zender of satelliet als de on-demand beschikbaarstelling waarbij het publiek "op een door hen gekozen individuele plaats en tijd" toegang heeft. De collectieve regelingen via Buma/Stemra en Sena dekken een groot deel van het laten klinken en uitzenden — maar niet de stap die een uitgezonden evenement juist bijzonder maakt.

Sync is geen blanket-licentie

Muziek koppelen aan bewegend beeld is synchronisatie — een exclusief recht. Het vastleggen van een nummer in de raceregie, de highlights en de wereldwijde social-nawerking is een verveelvoudiging in gewijzigde, gecombineerde vorm (artikel 13 Auteurswet). Daarvoor zijn een sync-licentie van de uitgever én een master-use-licentie van het label nodig, per werk en per gebied — buiten de standaard blanket-licenties om. En rechten zijn territoriaal: een wereldwijd gestreamd evenement kent geen één-loket.

De les is steeds dezelfde: clear vóór de uitzending, niet erna. Deze blog legt uit hoe de clearance van een wereldwijd uitgezonden live-set werkt, van cue sheet tot territoriale reikwijdte — het gespecialiseerde werk achter de muziek op het grootste podium.

Meer lezen

Muziekrecht en Kunstmatige Intelligentie: Van AI-Gegenereerde Werken tot Gecloonde Artiesten

De opkomst van kunstmatige intelligentie (AI) in de muziekindustrie ontketent een revolutie die de manier waarop muziek wordt gecreëerd ingrijpend verandert. Deze ontwikkeling roept complexe juridische vragen op over AI en auteursrecht (AI muziek copyright) en naburige rechten. Hoe kunnen we de creatieve rechten van artiesten en componisten beschermen en tegelijk ruimte laten voor technologische innovatie?

Muziekcontracten updaten met AI bepalingen

Voor muziekprofessionals – van onafhankelijke artiest tot groot label – is het essentieel om de vinger aan de pols te houden. Rechten bij AI-gegenereerde muziek moeten contractueel goed worden vastgelegd. Artiesten doen er verstandig aan expliciet te bepalen of hun stem of tracks voor AI-training mogen worden gebruikt. Uitgevers en labels moeten hun overeenkomsten updaten om duidelijkheid te scheppen over eigendom en aansprakelijkheid rond AI-creaties. En AI-bedrijven in de muzieksector zullen met transparantie en licenties moeten werken, willen ze conflicten vermijden.

Implicaties EU AI Act voor de Entertainmentindustrie

De ontwikkelingen gaan razendsnel. Nieuwe Europese regels (zoals de EU AI Act) zijn inmiddels van kracht, en juridische precedenten worden nu gevormd. Het is daarom geen overbodige luxe om juridisch advies over AI en muziek in te winnen bij specialisten. Een ervaren muziekrecht-jurist kan helpen om zowel kansen als risico’s in kaart te brengen – van het beschermen van je stem en songs tegen misbruik, tot het optimaal licentiëren van AI-technologie. Zo kunt u als maker of onderneming met een gerust hart profiteren van AI-innovaties, binnen de lijnen van de wet.

Juridisch overzicht AI en muziekrechten

In dit artikel geeft Mauritz Kop een diepgaand maar toegankelijk juridisch overzicht van de belangrijkste kwesties rond AI en muziek. We behandelen onder meer of AI zonder toestemming mag trainen op beschermd materiaal, hoe verschillende rechtenorganisaties (Buma/Stemra en Sena) omgaan met AI, de status van door AI-gegeneerde muziekwerken, de drempel van menselijke creativiteit, bescherming tegen AI-stemklonen via privacywetgeving, contractuele implicaties waaronder AI-updates voor toestemming, opt-out en vergoedingen, nieuwe verplichtingen onder de EU AI Act, verschillen tussen Europees en Amerikaans recht, én actuele rechtszaken. Dit artikel is geschreven in een mix van juridisch jargon en heldere uitleg, gericht op lezers zoals artiesten, componisten, muziekuitgevers, labels, stemacteurs, producenten en AI-bedrijven die willen weten waar ze staan.

Meer lezen

Streamingroyalty's in 2024: de 1.000-streamsdrempel van Spotify, de TikTok-blackout en jouw muziekinkomsten

Op 1 februari 2024 vielen miljoenen TikTok-video's stil toen Universal Music zijn catalogus terugtrok; een paar maanden eerder had Spotify aangekondigd dat tracks onder de duizend streams per jaar geen opnameroyalty's meer opleveren. Twee gebeurtenissen, één boodschap: de spelregels van het streaminggeld worden geschreven door platforms en majors — en uw inkomsten bewegen mee. Dit artikel legt uit hoe een stream geld wordt, wat er dit jaar verandert en wat u zelf kunt regelen — want de nieuwe regels raken juist de opkomende artiest. Voor artiesten, songwriters, producers, labels en managers.

Twee rechtenlagen — en één grote afwezige

Elke stream raakt de master (via label of distributeur) én de compositie (via Buma/Stemra en de uitgever). Maar de wettelijke billijke vergoeding die uitvoerend artiesten bij radio en horeca beschermt, geldt níet voor on-demand streaming: daar bent u vrijwel volledig aangewezen op uw contract. Wie dat eenmaal ziet, begrijpt waarom de discussie over een aanvullende streamingvergoeding voor uitvoerenden — tot in het Europees Parlement — zo fel wordt gevoerd.

Drempels, ruis, nepstreams en een blackout

De 1.000-streamsdrempel herverdeelt volgens Spotify zo'n half procent van de royaltypot; "functional audio" moet voortaan minimaal twee minuten duren; en op gedetecteerde kunstmatige streams staan boetes voor labels en distributeurs. Tegelijk liet de maandenlange TikTok-blackout zien dat uw aanwezigheid op een platform een licentiekwestie is waarover anderen beslissen — tot en met de songs van mede-schrijvers aan toe. Platformafhankelijkheid is daarmee een juridisch én strategisch risico geworden.

Wat u zelf kunt doen

Ken uw vier geldloketten, check de royaltybasis en de AI- en fraudebepalingen in uw distributiecontract, houd metadata en splits sluitend, en spreid uw inkomsten over streaming, live, sync en collectieve vergoedingen. Het auteurscontractenrecht geeft u bovendien een wettelijke transparantieaanspraak richting uw exploitant — gebruik die. Hoe het auteursrechtelijke deel van die geldstroom in elkaar zit, leest u op onze pagina over auteursrechten op muziek.

Meer lezen

Clearance van Muziek in Videoclips: Hoe zit dat Juridisch?

Hoe regel ik de rechten van muziek die ik wil gebruiken in een film of een game? Syncen van beeld en geluid, hoe zit dat juridisch? Bij wie moet ik zijn voor een licentie voor gebruik van een dancetrack in een reclamespotje of een muziekvideo? En zitten er ook intellectuele eigendomsrechten op de videoclip zelf?

Syncen van beeld met geluid

U mag niet zonder toestemming van de componist, tekstschrijver en de uitvoerende artiesten muziek met video synchroniseren en uploaden, ook niet naar uw eigen website laat staan naar social media. De makers hebben een verbodsrecht en een vergoedingsrecht. Dat volgt uit de Auteurswet en de Wet naburige rechten. Er zal toestemming moeten worden gevraagd voor het muziekgebruik, online en offline. In de vorm van een schriftelijk licentiecontract waarin staat onder welke voorwaarden u beeld met geluid mag combineren en commercieel exploiteren. Dit geldt ook voor Youtube en Vevo muziekvideo’s. U krijgt gedurende het clearance-traject voor de videoclip met verschillende partijen rechthebbenden te maken zoals platenlabels, uitgeverijen (publishers), muzikanten, nabestaanden alsook Buma/Stemra.

Clearance-traject videoclip: verschillende partijen

Door de clearance van de muziekrechten correct te regelen voorkomt u auteursrechtenclaims, takedowns, verwijderde social media accounts en aansprakelijkheid nadat u de videoclip heeft geüpload. Er bestaan geen standaardtarieven voor het syncen van muziek met beeld. Hierover kan worden onderhandeld. Ook kan toestemming geweigerd worden vanwege het verbodsrecht van de componist. Er kunnen dus geen garanties worden gegeven. Hou daarom altijd een alternatief achter de hand en zorg dat u de clearance ruim voor de project deadline in werking zet. Wij kunnen u hierbij terzijde staan.

Syncen: bij wie liggen de muziekrechten?

Stap 1 is dat wij uitzoeken waar de muziekrechten van de titel liggen en bij wie u vervolgens moet zijn. Er kunnen vervolgens schriftelijke afspraken worden gemaakt over zaken als looptijd, exclusiviteit, territorium en MFN Clausules (Most Favored Nations), hetgeen wil zeggen dat er bij een situatie waarin bijvoorbeeld de publishingrechten versnipperd zijn over 5 uitgeverijen, alle publishers zich conformeren aan de hoogste vraagprijs op basis van 100% uitgaverechten. Bij MFN gaat het derhalve om gelijke behandeling van de rechthebbenden, onafhankelijk van ieders rechtenpercentages.

Meer lezen

Trump mag muziek Rolling Stones niet gebruiken tijdens verkiezingscampagne

Deze blog is een transcript van een live radio 3FM interview dat mr. Mauritz Kop op maandag 6 juli 2020 bij BNN/VARA gaf over muziekrechten en President Donald Trump. Dit naar aanleiding van bekende artiesten als Adele, de Rolling Stones, Tom Petty en Neil Young, die niet willen dat de Amerikaanse president hun muziek gebruikt in zijn verkiezingscampagne. Een succesvol verbod is mogelijk via een uitzondering op de Ascap/BMI "Political Entities License". Uitleg over muziekrechten, licenties en publiek domein in Europa en de Verenigde Staten. Ook aandacht voor IP en artificiële intelligentie.

Wat zijn muziekrechten eigenlijk?

Muziekrechten zijn een verschijningsvorm van intellectuele eigendomsrechten. Muziekrechten worden beschreven in de Auteurswet en de Wet naburige rechten. Zoals rechten van een componist, tekstdichter, uitvoerend muzikant en audioproducent. Zie het als een regenboog van rechtenlagen waarbij elke kleur symbool staat voor een bepaald soort recht, afhankelijk van iemands rol bij het ontstaan van een compositie, lyrics en de audiomaster. In het muziekrecht gaat het vaak over licenties, om toestemming krijgen voor muziekgebruik.

Belangrijker nog, wat kun je ermee?

Deze rechten geven de eigenaar het exploitatierecht, het recht om gebruik door een ander te verbieden en het recht om op te treden tegen derden die het zonder toestemming gebruiken. Auteurs hebben dus een vergoedingsrecht en een verbodsrecht.

Hoe krijg je die rechten? Moet je daarvoor muziek uitbrengen?

Nee, dan verlies je ze juist vaak, met name als je een onevenwichtig contract tekent. Auteursrechten ontstaan vanzelf, als je iets origineels maakt waarbij je creatief bent geweest. Het gaat om een minimum aan creatieve handelingen en originaliteit.

Zit er een leeftijd aan? Stel een artiest zou muziek maken en is 16 jaar? Gaat het dan naar hem/haar of de ouders?

Er zit geen leeftijd aan, wel moet je 18 jaar oud zijn om een muziekcontract rechtsgeldig te kunnen ondertekenen. Anders moeten ouders tekenen als wettelijk vertegenwoordigers. Daarnaast moet je een mens zijn en geen machine. Een slimme robot die muziek produceert krijgt geen auteursrechten. Die muziek komt direct in het publiek domein. Dat onderwerp sluit aan op mijn onderzoeksopdracht aan Stanford University in Silicon Valley, Californië. Dit onderzoek heeft ook met IP te maken en zoekt naar een optimaal innovatieklimaat in zowel Europa als de VS waarbij de maatschappelijke impact van transformatieve technologie zoals AI, quantum computing, blockchain en VR in balans wordt gebracht, met respect voor onze grondrechten en democratische waarden. Ik focus me daarbij op 3 sectoren: Pharma, Voeding en Entertainment, Media en Kunst. Allemaal 1e levensbehoeftes dus! Onderzoeksoutput gaat in de vorm van gepubliceerde artikelen direct naar Brussel en Washington, zodat politici en wetgevers een breder scala aan effectieve beleidsmogelijkheden voorgeschoteld krijgen om uit te kiezen.

Meer lezen

Gastcollege Muziekrechten en Muziekcontracten bij FDOS in Amsterdam

Muziekrechten bepalen wie er in de muziekindustrie verdient. Op 13 juni 2019 gaf Mauritz Kop namens MusicaJuridica een gastcollege Muziekrechten en Muziekcontracten bij FDOS in Amsterdam. Dit verslag vat de kern van het college samen: het verschil tussen auteursrechten op de compositie en naburige rechten op de master, de rol van Buma/Stemra, Sena en Norma, publiek domein en beschermingstermijnen, het nieuwe auteurscontractenrecht, en de clearance van samples en remixes. De rode draad: wie zijn rechtenketen kent, stuurt zijn muziek op waarde.

Meer lezen