Muziekrecht bij overlijden van een artiest: erfenis en royalty's

Overleden muzieksterren verdienen vaak nog jaren miljoenen, en hun nalatenschap leidt geregeld tot juridische strijd — denk aan de twee testamenten die Johnny Hallyday naliet. Dit artikel legt uit hoe de exploitatierechten op muziek na een overlijden doorlopen, wie ze erft, en waarom een nalatenschap met buitenlandse aanknoping zo complex is. De insteek is verankerd op de publieke radio-optredens van jurist Mauritz Kop bij BNR Nieuwsradio.

Auteursrecht, naburig recht en merkrecht na de dood

De inkomsten van een overleden artiest komen uit meerdere bronnen tegelijk: auteursrechten en naburige rechten (samen de royalty’s op de muziek), aangevuld met merk- en handelsnaamrechten op bijvoorbeeld merchandise en de naam van de artiest. Films waarin de artiest speelde blijven royalty’s opleveren door openbaarmaking en verveelvoudiging op televisie en internet. Het auteursrecht eindigt niet bij overlijden: het komt blijkens artikel 1 van de Auteurswet juist ook toe aan de rechtverkrijgenden van de maker.

Hoe lang loopt het door?

De beschermingsduur is wettelijk vastgelegd, maar het loont te onderscheiden welk recht je bekijkt. Het auteursrecht op de compositie en de tekst vervalt 70 jaar na 1 januari na het sterfjaar van de máker — de componist of tekstdichter, niet per se de vertolker. Voor wat David Bowie zelf schreef loopt dat dus tot 2087; bij Elvis Presley, die veel werk van anderen vertolkte, hangt de termijn af van elke afzonderlijke schrijver. De masters — de opnames — vallen onder de naburige rechten, met een eigen termijn (50 jaar, verlengd tot 70 jaar bij een rechtmatig uitgebrachte fonogram-opname). Zo verdient een artiest decennia na zijn dood nog.

Wie krijgt het geld?

Waar het geld heen gaat, hangt af van de muziekcontracten, de testamenten en het toepasselijke recht. Meestal delen nabestaanden, platenlabel, uitgeverij en soms een manager mee. Platencontracten die tijdens het leven zijn gesloten, kunnen ook na overlijden ten gunste van de nabestaanden blijven gelden; daarnaast sluiten erfgenamen vaak postume contracten voor synchronisatie of nieuwe releases.

De erfrechtelijke en internationale les

Naar Nederlands recht kan een kind niet zonder meer volledig worden onterfd: de legitieme portie waarborgt een aanspraak in geld. Dat verschilt van rechtsstelsels zoals het Californische. In de Hallyday-zaak botsten een Frans en een Californisch testament — een schoolvoorbeeld van internationaal privaatrecht bij muzieknalatenschappen. De praktische conclusie: regel exploitatierechten, testament en internationale aanknopingspunten bij leven, en raadpleeg tijdig een gespecialiseerd jurist.

Meer lezen

CPO Seminar Muziek & Recht Concertgebouw Amsterdam

Postacademisch onderwijs aan advocaten, rechters en hoogleraren over het muziekrecht

Op maandag 16 april 2018 organiseerde het Centrum voor Postacademisch juridisch Onderwijs (CPO) van de Radboud Universiteit Nijmegen een seminar over het Muziekrecht. Ik gaf daar een postacademische cursus muziekrechten en muziekcontracten. Het CPO verzocht mij enkele maanden eerder om de cursus ook muzikaal te omlijsten. In het Concertgebouw in Amsterdam. Hieronder een terugblik op dit bijzondere juridische event.

Het was me al snel duidelijk: voor deze cursus was veel muziek nodig.

Publiek Domein Quiz

Mijn idee voor de Publiek Domein Quiz was als volgt: Ons CPO ensemble zou live enkele bekende thema’s van klassieke en populaire muziekwerken aan het publiek voordragen. De cursisten moeten vervolgens raden om welk stuk het gaat en wie de componist is. Zodra we er achter zijn gekomen wie de componist is, mag het publiek haar hand opsteken als men denkt dat het werk zich in het publiek domein bevindt, of dat het in Nederland nog wordt beschermd door het auteursrecht. We deden dit in 2 blokken, 1 voor de pauze en 1 na de pauze. In de pauze speelden we integraal:

O Magnum Mysterium - Tomás Luis de Victoria (Spanje, c. 1548 - 1611). Publiek domein.

Er moest dus een klein orkestje komen. Het lukte gelukkig om een kwartet samen te stellen dat bestond uit 2 beroepsmuzikanten en 2 dubbelgeschoolde juristen. Dit ensemble - met op papier een ongelooflijke staat van dienst - deed mij ergens denken aan het Prinsengrachtensemble, waarvan ik 25 jaar geleden met veel plezier deel uitmaakte. Ook als klarinettist. En ook interdisciplinair in die zin dat het bestond uit (tamelijk) muzikale juristen.

Meer lezen