Een optreden afgezegd: wie de gage betaalt bij ziekte van de artiest, storm of een ingetrokken vergunning (artikel 6:75 en 7:408 BW)

Een vijfkoppige band uit Zwolle staat op zaterdag geboekt op een festival in Zeeland, voor een gage van 4.500 euro. Neem twee varianten van die boeking. In de eerste meldt de zangeres zich op donderdag ziek met keelontsteking en kan ze zaterdag niet zingen. In de tweede is iedereen gezond, maar trekt de gemeente op vrijdag de vergunning voor het hoofdpodium in vanwege een stormwaarschuwing. Voor elk van die twee gevallen geeft het Burgerlijk Wetboek een ander antwoord op de vraag wie de gage betaalt als een optreden niet doorgaat, en wat in het optreedcontract staat, gaat bij die vraag meestal voor op de wet.

Windmeter met witte cups en een oranje windvaan, geklemd op de aluminium truss van een openluchtpodium, met een gevlogen PA-kolom en een groen festivalterrein onder een strakblauwe lucht


Welk soort overeenkomst een optreedcontract is: opdracht volgens artikel 7:400 BW, uit te voeren door de geboekte artiest zelf

Een optreden levert geen stoffelijk werk op, dus valt een optreedcontract meestal onder de overeenkomst van opdracht van artikel 7:400 BW: de artiest verricht werkzaamheden voor de organisator tegen betaling. Die kwalificatie bepaalt welke regels gelden als het misloopt, want de wet geeft voor de opdracht eigen regels over opzegging en over het loon dat dan nog verschuldigd is. Zijn partijen iets anders overeengekomen, dan gaat dat contract in de regel voor.

Artikel 7:404 BW voegt daar iets toe dat voor muzikanten belangrijk is. Is de opdracht verleend met het oog op een bepaalde persoon, dan moet die persoon het werk zelf doen. Een festival dat een band boekt vanwege de stem van de zangeres, hoeft een invaller niet te accepteren. De band kan dus niet eenzijdig een vervanger sturen en daarmee de volle gage veiligstellen; daarvoor is toestemming van de organisator nodig, of een clausule die een vervanger met vergelijkbare kwaliteit uitdrukkelijk toestaat.


De zangeres is ziek: overmacht volgens artikel 6:75 BW, geen schadevergoeding en geen gage

Wie een overeenkomst niet nakomt, moet volgens artikel 6:74 BW de schade vergoeden, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend. Artikel 6:75 BW noemt dat overmacht: de tekortkoming is niet te wijten aan de schuld van de artiest en komt ook niet krachtens wet, contract of verkeersopvattingen voor zijn rekening. Een plotselinge keelontsteking valt daar in de regel onder. Wie de avond ervoor op een ander feest heeft gezongen tegen het advies van de keel-neus-oorarts in, maakt het de organisator een stuk makkelijker om schuld aan te nemen.

Bij overmacht hoeft de band geen gemiste kaartverkoop of reclamekosten te vergoeden. De organisator mag de overeenkomst wel ontbinden op grond van artikel 6:265 BW, want ontbinding is ook mogelijk als de tekortkoming niet toerekenbaar is. Dan vervalt de verplichting om de gage te betalen, en een al betaald voorschot moet volgens artikel 6:271 BW terug. Een contract kan die uitkomst veranderen, bijvoorbeeld met een plicht om binnen 48 uur een vervangende datum aan te bieden, of met een afspraak dat het voorschot bij ziekte blijft staan voor een inhaaloptreden.


De organisator zegt af: opzegging volgens artikel 7:408 BW en een redelijk deel van de gage volgens artikel 7:411 BW

De opdrachtgever mag een opdracht volgens artikel 7:408 lid 1 BW te allen tijde opzeggen. Een festival kan een band dus altijd laten weten dat het optreden niet doorgaat, ook zonder bijzondere reden. Eindigt de opdracht voordat het werk is gedaan, dan heeft de artiest volgens artikel 7:411 BW recht op een naar redelijkheid vast te stellen deel van de gage, tenzij het contract iets anders regelt. Dat deel hangt af van het werk dat al is verricht, zoals repetities en reisvoorbereiding, van het voordeel dat de organisator daarvan heeft en van de reden van het einde. Ligt die reden bij de organisator, dan kan het redelijke deel de volle gage zijn als dat in alle omstandigheden redelijk is, verminderd met wat de band bespaart doordat het optreden niet doorgaat. Onkosten komen daar volgens artikel 7:406 BW bij voor zover ze niet al in de gage zijn begrepen. Of een professionele organisator daarnaast schadevergoeding verschuldigd is, hangt af van het contract en de omstandigheden van de opzegging.

Tussen professionele partijen mogen het opzegrecht en de vergoeding contractueel worden geregeld, en daar dient de annuleringsstaffel voor: bijvoorbeeld 50 procent van de gage bij afzegging binnen acht weken, 75 procent binnen vier weken en de volle gage binnen veertien dagen. Bij een particuliere opdrachtgever, zoals een bruidspaar dat een band boekt, gelden de artikelen 7:408 en 7:411 BW volgens artikel 7:413 BW als dwingend recht ten gunste van dat paar. Het paar kan dan altijd opzeggen, is volgens artikel 7:408 lid 3 BW wegens de opzegging zelf geen schadevergoeding verschuldigd en hoeft niet meer te betalen dan een redelijk deel van de gage, plus onkosten voor zover die niet al in de gage zijn begrepen. Een staffel die een particulier een vast percentage laat betalen voor werk dat de band nog niet heeft gedaan, staat daardoor op losse schroeven; de conclusie van de advocaat-generaal bij de Hoge Raad uit 2022 (ECLI:NL:PHR:2022:678) bespreekt die grenzen voor opzeg- en annuleringsvergoedingen.


Storm, een ingetrokken vergunning of een overheidsmaatregel: wanneer artikel 6:75 of 6:258 BW het risico verdeelt

In de tweede variant zegt de organisator af omdat de gemeente de vergunning intrekt, terwijl de band gewoon kan spelen. Of hij de gage dan toch verschuldigd is, hangt af van de reden van de intrekking. Ging het mis door de voorbereiding van de organisator, bijvoorbeeld een onvolledige vergunningaanvraag, een ontbrekend stormprotocol of een podium dat niet voldeed aan de eisen van de gemeente, dan ligt die oorzaak in zijn risicosfeer en komt het einde van de opdracht volgens artikel 7:411 en 6:75 BW eerder voor zijn rekening. Trekt de gemeente de vergunning in terwijl de organisator alles volgens de regels had voorbereid, dan is de vraag lastiger en beslist vooral wat het contract over storm en vergunningen zegt.

Ligt de oorzaak buiten beide partijen, zoals een landelijk evenementenverbod, dan kan een rechter de overeenkomst volgens artikel 6:258 BW wijzigen of ontbinden wegens onvoorziene omstandigheden. De drempel is hoog: dat mag alleen als de wederpartij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van het contract niet mag verwachten. De Hoge Raad oordeelde op 24 december 2021 dat de coronamaatregelen zo'n omstandigheid waren voor huurders van bepaalde bedrijfsruimte, zoals horeca, die door de maatregelen hun ruimte niet of slechts in geringe mate konden exploiteren, bij huurcontracten van vóór 15 maart 2020; de Hoge Raad gaf daarvoor een rekenmodel. Voor optreedcontracten bestaat geen vergelijkbare vaste verdeling. Een bredere checklist voor het hele contract staat in ons eerdere stuk over waar artiesten, bands en dj's op letten in een optreedcontract. Een overmachtsclausule die storm, vergunningen en overheidsmaatregelen uitdrukkelijk regelt, weegt in de regel zwaar tegen een beroep op artikel 6:258 BW, en dat geeft beide partijen vooraf zekerheid.

Een vergelijkbaar mechanisme speelt bij schade aan apparatuur. In het stuk over de technische rider en schade aan backline staat waarom die verdeling niet vanzelf uit de rider volgt. Wie via een boekingsbureau werkt, vindt in het artikel over het boekingscontract en de agentuurregels van artikel 7:428 BW hoe commissie, exclusiviteit en opzegtermijn met het bureau werken.


Zeven punten die in de annuleringsclausule van een optreedcontract horen

  • Een annuleringsstaffel met vaste percentages van de gage per termijn vóór de speeldatum, en de vraag of reis- en productiekosten daarbovenop komen.
  • Een definitie van overmacht aan beide kanten: ziekte van een bandlid, uitval van vervoer, storm, het intrekken van een vergunning en overheidsmaatregelen.
  • Wie de vergunning, het stormprotocol en de verzekering regelt, en wie het risico draagt als die ontbreken.
  • Of de band een vervanger mag sturen als één muzikant uitvalt, en welke bandleden niet vervangbaar zijn.
  • Wat er met het voorschot gebeurt: terugbetaling, verrekening met een inhaaldatum of verval na een bepaalde termijn.
  • Binnen welke termijn een vervangende datum wordt aangeboden, en of de oorspronkelijke gage dan blijft gelden.
  • Hoe een afzegging wordt gedaan: per e-mail aan een vaste contactpersoon, met de datum van ontvangst als peildatum voor de staffel.

Voor de band uit Zwolle betekent dit dat de ziekte van de zangeres in de eerste variant in beginsel neerkomt op geen gage en geen schadevergoeding. In de tweede variant hangt de gage af van de reden waarom de vergunning werd ingetrokken: bij een fout in de voorbereiding van de organisator heeft de band in beginsel recht op een redelijk deel van de gage, mogelijk de volle gage minus besparingen. Een contract met een staffel en een overmachtsclausule kan beide uitkomsten verschuiven, en een geschil over een afzegging gaat in de praktijk vaak over de vraag wat partijen precies hebben getekend.

Met de contractscan zie je snel wat er in jouw optreedcontract staat over afzeggen, ziekte en weer, nog voordat de volgende zaterdag in de agenda staat. Ga je een nieuw optreden vastleggen, dan helpt de optreedcontract-generator om de gage, de staffel en de afspraken over ziekte en weer in één keer op papier te zetten.

Bronnen: Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikelen 7:400, 7:404, 7:406, 7:408, 7:411 en 7:413; Burgerlijk Wetboek Boek 6, artikelen 6:74, 6:75, 6:258, 6:265 en 6:271; Conclusie A-G bij de Hoge Raad, ECLI:NL:PHR:2022:678 (opzeg- en annuleringsvergoeding bij particuliere opdrachtgevers); Hoge Raad, uitspraak over huurkorting in coronatijd (24 december 2021).