Een producer heeft een track af op een hook na. Een bevriende zangeres met een eigen platencontract zingt op een dinsdagavond het refrein in, schrijft ter plekke twee regels bij, en de track gaat drie weken later als "Producer X feat. Zangeres Y" naar de distributeur. Niemand heeft iets getekend. Bij de eerste Sena-afrekening, bij het eerste syncverzoek en bij de eerste mail van haar label komen dan vier vragen tegelijk boven: wat heeft de gast eigenlijk ingebracht, wie moest daarvoor toestemming geven, welk geld hoort bij haar, en wat betekent dat woordje "feat." in de credits. Dit artikel loopt die vier vragen na aan de hand van de Wet op de naburige rechten en de verdeelregels die Sena zelf publiceert.

Wat de featured artist inbrengt: een eigen naburig recht op haar uitvoering (artikel 2 WNR), geen aandeel in de master
De gast is een uitvoerend kunstenaar in de zin van artikel 1 van de Wet op de naburige rechten. Artikel 2 WNR geeft haar het uitsluitend recht om toestemming te geven voor het opnemen van haar uitvoering, het reproduceren van die opname, het verkopen of anderszins in het verkeer brengen ervan, en het uitzenden of beschikbaar stellen aan het publiek. Dat recht ontstaat op het moment dat zij zingt en het staat los van de vraag wie de studio heeft betaald. De eigenaar van de master is een ander: artikel 1 onder d WNR noemt als producent van fonogrammen degene die de opname voor het eerst vervaardigt of doet vervaardigen, en artikel 6 WNR geeft die producent zijn eigen exclusieve rechten op het fonogram. Wie de eerste vastlegging voor zijn rekening en verantwoordelijkheid laat maken, is dus de fonogrammenproducent; bij een producer die de sessie in eigen studio organiseert en betaalt is dat meestal de producer zelf, maar wie op dit moment de masterrechten houdt, hangt af van wat hij daarna heeft overgedragen, bijvoorbeeld aan een label. De gast wordt door mee te zingen geen mede-eigenaar van de master.
Wat zij wel houdt, is een recht dat de master-eigenaar nodig heeft voor elke exploitatie van de opname. Zonder haar toestemming voor reproductie en beschikbaarstelling mag de track niet naar Spotify, niet in een reclame en niet op vinyl. Die toestemming kan een licentie zijn of een overdracht. Artikel 9 WNR, in de tekst die sinds 1 januari 2026 geldt, maakt daarin onderscheid: een gewone licentie is vormvrij, maar de overeenkomst waarbij de rechten worden overgedragen of een exclusieve licentie wordt verleend, moet schriftelijk worden aangegaan (tweede lid), zo'n overdracht of exclusieve licentie door de uitvoerend kunstenaar omvat alleen de bevoegdheden die uitdrukkelijk in de overeenkomst staan of die uit de aard en strekking ervan noodzakelijk voortvloeien (derde lid), en de levering die voor een overdracht nodig is, gebeurt daarnaast bij een daartoe bestemde akte (artikel 3:95 BW). Wie de gast dus alleen een fee betaalt en verder niets vastlegt, heeft hooguit een niet-exclusieve licentie waarvan de reikwijdte bij een geschil pas wordt ingevuld.
Schrijft de gast haar eigen regels, dan kan er een tweede recht bij komen. Dat gebeurt alleen als die regels een eigen creatieve bijdrage aan tekst of melodie zijn, een eigen intellectuele schepping in de woorden van het Hof van Justitie in Infopaq (C-5/08); een ad-libje maakt haar niet automatisch mede-auteur, want ook daarvoor is een eigen creatieve bijdrage vereist, en alleen de bestaande hook van de componist herhalen volstaat niet. Is het wel een eigen bijdrage, dan ontstaat het auteursrecht op dat moment, en artikel 26 Auteurswet regelt hoe mede-auteurs hun gezamenlijke recht uitoefenen. De songwritersplit hoort die werkelijke inbreng te volgen; de registratie bij Buma/Stemra legt dat aandeel vast, maar schept het niet. Dat aandeel heeft niets te maken met haar naburige recht op de zang. Twee rechten, twee geldstromen, en in de praktijk vaak twee verschillende partijen die erover gaan: haar uitgever voor de compositie, haar label voor de opname.
Waarom het label van de gast meestal eerst moet tekenen: exclusiviteitsbeding en "courtesy of"-vermelding
Een artiest met een lopend platencontract heeft bijna altijd een exclusiviteitsbeding getekend: gedurende de looptijd neemt zij geen opnamen op voor derden zonder toestemming van haar label, en vaak heeft zij haar naburige rechten op alle opnamen uit die periode aan dat label overgedragen. Dat heeft twee gevolgen voor de producer. Ten eerste pleegt de gast wanprestatie tegenover haar eigen label als zij meezingt zonder de toestemming die haar contract voor zo'n feature vereist. Ten tweede, en dat is belangrijker, kan zij de producer niet geven wat zij zelf al heeft weggegeven: liggen haar naburige rechten op grond van dat contract bij het label, dan komt de toestemming van artikel 2 WNR van dat label. Wat het label precies moet toestaan, staat in haar artiestencontract; sommige contracten laten features vrij tegen een melding, andere eisen voorafgaande schriftelijke toestemming per opname. De zin "Zangeres Y appears courtesy of Label Z" die je op hoezen en in credits ziet, is de vermelding die labels voor zo'n vrijgave bedingen; de vermelding zelf bewijst niet dat de toestemming is gegeven. Leg de toestemming en de voorwaarden aantoonbaar vast, bij voorkeur in een getekende vrijgave, en controleer welke vorm het artiestencontract van de gast daarvoor vereist.
Wat een label voor die vrijgave vraagt, verschilt. Gangbaar zijn een vaste vergoeding of een aandeel in de masterroyalty van de track, de verplichting tot de courtesy-vermelding, een beperking van de exploitatie tot de ene track en de bijbehorende remixes, een verbod om de gastvocaal los te gebruiken, en soms een beperking op het uitbrengen van de track als single of op het gebruik van de naam van de gast in advertenties. Al die punten horen in de featured-artistovereenkomst te staan voordat de track wordt aangeleverd. Een distributeur die een rechtenclaim van het label van de gast ontvangt, kan de track op grond van zijn eigen voorwaarden offline zetten in afwachting van een oplossing, en dat gebeurt in de praktijk sneller dan een discussie over de reikwijdte van een mondelinge toestemming is afgerond.
Vier geldstromen die uit elkaar moeten blijven: fee, masterroyalty, Sena-aandeel en songwritersplit
Een feature raakt vier verschillende potten, en in te veel contracten worden er twee of drie in één zin samengeveegd. De fee is een eenmalige vergoeding voor de sessie en voor de toestemming; die kan als voorschot op royalty's gelden of daar los van staan, en dat moet erbij staan. De masterroyalty is een percentage van wat de master-eigenaar aan de opname verdient (streaming, downloads, sync, fysiek), meestal berekend over de netto-ontvangsten van de producer of het label en soms na terugverdienen van de opnamekosten. Het Sena-aandeel is een wettelijke aanspraak: artikel 7 WNR geeft de uitvoerend kunstenaar en de producent een billijke vergoeding als de opname wordt uitgezonden of in het openbaar ten gehore gebracht, en die vergoeding wordt door Sena geïncasseerd en verdeeld. De songwritersplit, ten slotte, bestaat alleen als de gast heeft meegeschreven, en loopt via Buma/Stemra en de uitgevers.
Het Sena-aandeel staat op een andere grondslag dan de fee en de masterroyalty. De aanspraak van artikel 7 WNR ontstaat uit de wet en wordt via Sena als aangewezen organisatie (artikel 15 WNR) geïncasseerd en door Sena rechtstreeks aan de geregistreerde muzikant uitgekeerd; wat een producer en een gast onderling over die vergoeding afspreken, verandert niets aan de verdeling die Sena zelf toepast. Daarnaast verklaart artikel 2a WNR de billijke vergoeding, de bestsellerbepaling en het terugroeprecht van de artikelen 25b tot en met 25h Auteurswet van overeenkomstige toepassing op de exploitatieovereenkomst van de uitvoerend kunstenaar; die regels gaan over de vergoeding voor de verleende exploitatiebevoegdheid en staan los van de Sena-vergoeding. Een clausule die "alle vergoedingen, waaronder die van Sena" in de fee laat opgaan, verdient dus twee vragen: welk bedrag is dan voor de exploitatiebevoegdheid, en hoe denkt de producer een vergoeding te verrekenen die Sena aan de gast betaalt. Hoe dat bij de sessiemuzikant ligt, die per sessie wordt uitgekocht, staat in het artikel over de twee vergoedingen die naast de sessiefee blijven staan; de gastvocalist zit een categorie hoger, en dat is het onderwerp van de volgende paragraaf.
Wat "feat." bij Sena oplevert: de puntenverdeling voor hoofdartiesten en de naamsvermelding van artikel 5 WNR
Sena verdeelt de vergoeding van een track in twee gelijke helften: 50% voor de producent, 50% voor de muzikanten die op de opname staan. Dat muzikantendeel gaat volgens een puntensysteem: elke hoofdartiest krijgt vijf punten, elke sessiemuzikant één punt per instrument met een maximum van drie, en sessiemuzikanten kunnen volgens Sena samen nooit meer dan 50% krijgen. Sena geeft in haar veelgestelde vragen voor muziekmakers zelf het rekenvoorbeeld: bij 2.200 euro aan inkomsten gaat 1.100 euro naar de muzikanten; met twee hoofdartiesten en één sessiemuzikant zijn dat elf punten, dus 500 euro per hoofdartiest en 100 euro voor de sessiemuzikant.
En hier wordt het credit-veld in de metadata een juridisch-economische handeling. Sena rekent een featuring artist als hoofdartiest: een gast die met naam in de titel staat, telt met vijf punten mee, en Sena vraagt om de track precies zo te registreren als hij online staat, bijvoorbeeld "artiest X feat. artiest Y". Dezelfde zangeres die als sessiemuzikant meldt, claimt met één punt. Sena beslist over de rol op grond van de registratie, het contract en het bewijs van deelname dat zij bij een claim opvraagt; een ontbrekende of verkeerde credit wist de aanspraak niet uit, maar dwingt de gast wel om haar rol met stukken aan te tonen en bij een afwijkende uitkering een commentaar bij Sena in te dienen. Bij een radiohit bepaalt de rol die zij kan aantonen dus of zij een hoofdartiestenaandeel of een sessieaandeel uit dezelfde pot krijgt, en het raakt ook de artiest die de gast erbij zet: die deelt het muzikantendeel voortaan met een tweede hoofdartiest. Sena raadt zelf aan om vooraf af te spreken welke rol iemand mag claimen.
Naast dat geld staat het recht op de naam. Artikel 5 WNR geeft de uitvoerend kunstenaar persoonlijkheidsrechten, waaronder het recht om zich te verzetten tegen openbaarmaking van de opname zonder vermelding van haar naam, en tegen wijzigingen of verminkingen die haar reputatie schaden. Dat recht geeft de gast een grond om zich te verzetten als haar naam helemaal ontbreekt of als de zang zo wordt bewerkt dat haar reputatie eraan lijdt; het geeft geen aanspraak op de specifieke commerciële credit "feat." in de titel, want die is een afspraak. Voor de producer is dat een reden om in het contract vast te leggen hoe de credit precies luidt, in welke volgorde en met welk artiestennaam-alias, en om toestemming te regelen voor concrete bewerkingen zoals pitchen, timen en stemcorrectie, met goedkeuring van de eindmix. Van de bescherming tegen aantasting die haar reputatie schaadt kan zij geen afstand doen; die blijft ook na een getekend contract bestaan.
Acht afspraken die in een featured-artistcontract horen
- Partijen en toestemming van het label: de gast, de producer of het label als master-eigenaar, en, als de gast een exclusief contract heeft, haar label als medeondertekenaar of via een aparte vrijgavebrief.
- Omschrijving van de bijdrage: alleen zang, of ook tekst of melodie; bij het laatste een aparte songwritersplit met percentages en registratie bij Buma/Stemra.
- De rechten: een licentie of een overdracht van het naburig recht van de gast op deze opname; bij overdracht of exclusieve licentie schriftelijk en met de bevoegdheden uitdrukkelijk opgesomd (artikel 9 lid 2 en 3 WNR), bij overdracht bovendien met een leveringsakte: streaming, sync, remixes, versies, gebruik van losse stems.
- De geldstromen apart benoemd: fee (al dan niet verrekenbaar), masterroyalty met grondslag en afrekenmoment, Sena-aandeel uitdrukkelijk buiten de fee, songwritersplit apart.
- De credit letterlijk: "X feat. Y", de courtesy-vermelding, de plaats in de metadata bij de distributeur, en wie de Sena-registratie doet.
- Beperkingen: geen losse verkoop van de gastvocaal, geen gebruik in advertenties zonder toestemming, en een eventueel verbod voor de gast om de hook binnen een bepaalde periode opnieuw op te nemen.
- Toestemming voor concrete bewerkingen van de zang en goedkeuring van de eindmix door de gast binnen een korte termijn, met een regel dat een niet-tijdige reactie als goedkeuring geldt; de bescherming van artikel 5 WNR tegen reputatieschadelijke aantasting blijft daarnaast bestaan.
- Bewijs: datum en plaats van de sessie, de bestandsnamen van de opnamen, en de afspraak dat de getekende overeenkomst bij de distributeursaanlevering wordt bewaard.
Als de feature al uit is zonder papier: de opties van gast, label en producer
De praktijk loopt vaak in de omgekeerde volgorde: eerst de release, dan de mail. De gast heeft dan sterke kaarten. Haar toestemming voor het opnemen mag uit haar deelname worden afgeleid; een overdracht of exclusieve licentie is er zonder schriftelijke overeenkomst niet, en de reikwijdte van een mondelinge, niet-exclusieve licentie wordt beperkt uitgelegd. Haar label, als het haar rechten houdt, kan de producer en de distributeur aanschrijven, een vergoeding of een aandeel eisen, en in het uiterste geval verwijdering van de track verlangen. De producer heeft dan een aantal opties: alsnog een overeenkomst sluiten die het gebruik sinds de release uitdrukkelijk regelt, tegen een fee of royalty die nu meestal hoger uitvalt dan drie weken eerder; de gastvocaal vervangen en de track opnieuw aanleveren; of de track terugtrekken. Wie in die onderhandeling zit, doet er goed aan de sessiechat, de facturen en de aanleverbevestiging van de distributeur bij elkaar te leggen: daaruit blijkt wie wat wanneer wist, en dat bepaalt de toon van het gesprek meer dan de wetsartikelen.
Voor de gast is de les een andere. Als zij haar feature niet bij Sena registreert, blijft haar aandeel per speeljaar drie jaar claimbaar: Sena sluit elk speeljaar na drie jaar af, het speeljaar 2023 bijvoorbeeld op 31 december 2026. Is de track bij de distributeur zonder haar naam aangeleverd, dan kan zij haar rol bij Sena nog steeds met bewijs van deelname en het contract aantonen, en kan de producer de credit bij de distributeur laten corrigeren; het credit-veld bij de aanlevering maakt dat bewijs alleen een stuk eenvoudiger.
Sta je op het punt iemand op je track te zetten, of ben je zelf de gast, dan helpt de featured-artistcontract-generator je om die acht afspraken op papier te krijgen, in gewone taal en met de geldstromen apart. Ligt er al een voorstel van de andere kant, van een label of van de producer, dan laat de contractscan zien waar de fee stilletjes het Sena-aandeel meeneemt of waar de credit niet is vastgelegd.
Bronnen
- Wet op de naburige rechten (wetten.overheid.nl, geldend per 1 januari 2026): artikel 1 onder a en d, artikel 2, artikel 2a, artikel 5, artikel 6, artikel 7, artikel 9 (tekst per 1 januari 2026) en artikel 15
- Auteurswet (wetten.overheid.nl, geldend per 1 januari 2026): artikel 26 en de artikelen 25b tot en met 25h
- HvJ EU 16 juli 2009, C-5/08 (Infopaq): auteursrechtelijke bescherming vereist een eigen intellectuele schepping
- Sena, "Veelgestelde vragen muziekmakers": definitie hoofdartiest en featuring artist, puntenverdeling (vijf punten per hoofdartiest, één punt per instrument voor een sessiemuzikant met een maximum van drie), 50/50-verdeling producent en muzikanten, rekenvoorbeeld 2.200 euro, registratie als "artiest X feat. artiest Y", bewijs van deelname, commentaar bij een afwijkende uitkering, afsluiting van speeljaren na drie jaar (2023 op 31 december 2026)
- M&R, "Artikel 7 lid 1 en artikel 9b WNR: twee vergoedingen die naast de sessiefee van een buy-out staan", 3 september 2026
- M&R, Featured-artistcontract-generator
- M&R, Contractscan
Publiek geraadpleegd op 17 september 2026.