Een band krijgt na een goed festivalseizoen een voorstel van een boekingsbureau: exclusief, vijftien procent over alle gages, drie jaar vast, en na afloop nog twee jaar commissie over elke zaal die het bureau ooit heeft benaderd. Zolang het bureau zelfstandig en tegen een percentage bemiddelt, is een boekingscontract een agentuurovereenkomst, en de wet beschermt daarin in de eerste plaats het bureau. Dit artikel loopt de vier afspraken langs die het verschil maken, commissie, exclusiviteit, opzegtermijn en uitloop, met de wettelijke ondergrens uit Boek 7 BW erbij.
Waarom een boekingsbureau een handelsagent is en wat artikel 7:428 BW daarmee doet
Een bureau dat tegen een percentage van de gage optredens voor je binnenhaalt, past in de omschrijving van artikel 7:428 BW: jij bent de principaal, het bureau de handelsagent. Artikel 7:445 BW maakt een aantal regels dwingend, waaronder de periodieke provisie-opgave van artikel 7:433, de minimale opzegtermijnen van artikel 7:437, tweede lid (één maand in het eerste jaar, twee in het tweede, drie daarna) en de schadeplicht van artikel 7:439 bij beëindiging zonder termijn. De klantenvergoeding van artikel 7:442 kan vóór het einde niet ten nadele van het bureau worden weggeschreven: ten hoogste één jaar beloning, te claimen binnen een jaar na het einde, en in de regel niet verschuldigd als het bureau zelf opzegt zonder een reden die aan jou of aan zijn eigen gezondheid ligt.
Commissie, exclusiviteit en uitloop: wat je vastlegt omdat de wet anders aanvult
Leg de grondslag van de commissie vast (netto gage, welke kosten eruit), de geldstroom en de doorbetaaltermijn, en let op artikel 7:431 BW: bij een toegewezen klantenkring of gebied krijgt het bureau ook provisie over shows waar het niet aan te pas kwam, tenzij het contract uitdrukkelijk anders zegt. Een contract voor bepaalde tijd dat stilzwijgend doorloopt, geldt volgens artikel 7:436 BW voor onbepaalde tijd; zonder afgesproken termijn is de opzegtermijn dan vier maanden, oplopend na drie en zes jaar. Artikel 7:431, tweede lid, geeft het bureau na het einde dwingend provisie voor overeenkomsten die hoofdzakelijk aan zijn werk te danken zijn en binnen een redelijke termijn zijn gesloten; een clausule over uitloopcommissie vult die redelijke termijn concreet in, bijvoorbeeld met twaalf maanden. Het artikel sluit af met tekenbevoegdheid, je eigen rechten, de AI-clausule en de boekingscontract generator van M&R, die deze afspraken in een minuut of tien omzet in een contract naar Nederlands recht.
Meer lezen